Hoe je met een Trumpistisch discours regiopresidente van Madrid kan worden 

Isabel Díaz Ayuso ligt in Spanje in pole position om de politieke marketing hoofdprijs van het jaar 2021 binnen te halen. De presidente van de Madrileense regioregering volgde zichzelf op na de verkiezingen van afgelopen week ondanks het feit dat haar regio de meeste coronadoden van Spanje telt, het minst investeert in openbare gezondheidszorg en er verschillende rechtszaken lopen tegen haar partij Partido Popular wegens corruptie. Het is de verkiezingsoverwinning van kortzichtige bekrompenheid en het stelselmatig demoniseren van de oppositie. 

Trump parcours

Ruim een kwarteeuw al wordt de regioregering van Madrid geleid door de conservatieve Partido Popular. Toen Isabel Díaz Ayuso twee jaar geleden door de partij werd opgevoerd als lijsttrekker voor de regionale verkiezingen van 2019 kreeg de politica massaal linkse lachers op haar hand. Ze blonk tijdens de campagne uit in vreemde uitspraken en gebrekkige dossierkennis. Toch slaagde ze erin om een minderheidsregering te vormen met de steun van de centrumpartij Ciudadanos en het ultrarechtse Vox.

Twee maanden geleden zag Ayuso haar kans schoon om zich te ontdoen van het ondertussen zieltogende Ciudadanos en de stemmen terug naar de Partido Popular te brengen. Ze blies haar regering op om een motie van wantrouwen te omzeilen en omdat ze voelde dat haar strijd tegen de coronamaatregelen van de linkse federale coalitieregering haar politieke winst kon bezorgen. «Libertad» (vrijheid) is het substantief waar ze haar campagne rond bouwde, net zoals de «Make America great again» kapstok waaronder Donald Trump in 2016 de Amerikaanse verkiezingen won. 

Een strategie van zichzelf ophemelen en polariseren die Ayuso en haar communicatie adviseur Miguel Ángel Rodríguez, de strateeg van ex federaal premier José María Aznar, vertaalden naar de Madrileense realiteit. Met haar slogan «Libertad» profileerde ze zich als de Messias van de Madrileense terrasjescultuur. Zoals Trump deed met de Democraten schilderde ze de linkse formaties PSOE, Unidas Podemos en Más Madrid af als de voorbode van de hel. Drie partijen die ze voor het gemak communisten noemde die de «Libertad» van Madrid en Spanje in gevaar brengen. Ook de nationalistische partijen uit Baskenland en Catalonië scheerde ze over dezelfde kam.

Migranten, feministen, holebi’s en de zwaksten van de maatschappij («links heeft steuntrekkers nodig uit eigenbelang») haalde ze in Trump stijl door de mangel. Haar denigrerende discours en frivole praatjes over vrijheid dienden om haar povere programma en rampzalige sociale beleid te maskeren. Toen een journaliste afgelopen winter bleef doorvragen hoe ze een spiksplinternieuw openbaar hospitaal van voldoende verplegend personeel zou voorzien, ondanks het personeelsgebrek in de publieke zorg, antwoordde Ayuso dat je zulke vragen niet moet stellen aan een regionaal presidente.

Isabel Díaz Ayuso uitgedost in een kleur die ze niet kan uitstaan (foto: EP)

Het getuigt van een enorm cynisme dat ze zichzelf profileert als vaandeldrager van universele vrijheid terwijl de Partido Popular progressieve vrijheidssymbolen zoals abortus, het homohuwelijk en euthanasie verwerpt. Haar Trumpistische ideologie connecteert met het Spaanse fascisme van vorige eeuw. Een mix van Spaans unitarisme en machisme ten dienste van de sociale elite. Net zoals aan de vooravond van de Spaanse burgeroorlog, bijna een eeuw geleden, beschouwt Ayuso de federale linkse coalitieregering als illegitiem.

Tijdens haar eerste ambtstermijn als presidente van de regionale regering, en ook gedurende de voorbije verkiezingscampagne, gebruikte ze de pandemie en het verlangen naar een normaal leven als schaamlapje voor haar incompetentie en om de nationale regering een hak te zetten. Vrijheid prediken als tegengif tegen Covid-19. Telkens de federale regering A zei, reageerde de regering Ayuso met B.  

Bijvoorbeeld na het afblazen van de strenge nationale lockdown van vorig jaar besloot Ayuso, in tegenstelling tot andere Spaanse regio’s, de horeca in de regio Madrid meteen weer te openen. “We moeten auto’s ook niet verbieden hoewel er iedere dag auto ongevallen zijn”. Een biertje kunnen drinken op een van de vele terrasjes die Madrid rijk is, is voor haar een symbool van de Madrileense identiteit en vrijheid. Toeval dat even daarvoor aan de andere kant van de Atlantische Oceaan ene Donald Trump het opnieuw openen van de Amerikaanse grenzen rechtvaardigde met bijna dezelfde woorden ? «Iedere dag sterven er veel mensen op de weg. Dat betekent niet dat we de mensen moeten aanraden om niet te rijden». 

De misrekening van links

Toen Ayuso vervroegde verkiezingen afkondigde, stapte federaal vice-premier en Unidas Podemos kopstuk Pablo Iglesias uit de regering omdat Ayuso het extreemrechtse Vox opvrijde en er geen geheim van maakte dat ze indien nodig met de Franco nostalgici een regering zou vormen. Hiermee ging ze nochtans in tegen de inspanningen van haar partijvoorzitter Pablo Casado om de Partido Popular uit het vaarwater te duwen van Vox. Tevergeefs. Net zoals Trump de Republikeinen was ontgroeid, is Ayuso een politiek merk op zichzelf geworden.

Pablo Iglesias besloot de handschoen op te nemen en op kop van de Unidas Podemos lijst te gaan staan. Zo hoopte hij voldoende linkse kiezers te kunnen mobiliseren om een links front te vormen met de socialistische PSOE en de Podemos vertakking Más Madrid, om zo naar eigen zeggen de fascisten uit de Madrileense regering te houden. Daarmee was de toon definitief gezet voor de verkiezingscampagne. Er werd meer campagne tegen de ander gevoerd dan dat de eigen standpunten onder de schijnwerpers kwamen. Polarisatie troef, rechts versus links, het politieke centrum lag er verweesd bij.

In de laatste rechte lijn naar de verkiezingen besloot Ayuso om slechts aan één mediadebat met de andere kopstukken deel te nemen. Het allereerste op het regionale TV station Telemadrid. Hoewel het moeilijk debatteren is met iemand die in staat is om compleet onvoorspelbare praat te verkopen («In Madrid kun je scheiden zonder daarna nog ooit je ex tegen het lijf te lopen») produceert Ayuso voldoende leugens en halve waarheden om aan de kaak te stellen. Een welbespraakt politiek beest als Iglesias vraagt niet liever. Na de uitzending toonden de peilingen een kentering aan. De linkse partijen hadden plots een inhaalbeweging ingezet.

Enkele dagen later tijdens het tweede debat (zonder Ayuso dus) verliet Iglesias de radiostudio van Cadena Ser. Bij het begin van het gesprek vroeg de moderator aan Rocío Monasterio, de kandidate van Vox, wat ze vond van de dreigbrief met vier kogels die Iglesias thuis had ontvangen. Monasterio trok de waarheid van de feiten in twijfel en weigerde de brief te veroordelen. «Ik veroordeel elke vorm van geweld» antwoordde ze uiteindelijk. Hierop stond Iglesias recht, zette zijn mondmasker op en terwijl hij de studio verliet, zei hij dat Cadena Ser mee verantwoordelijk was voor het witwassen van fascisten door Vox uit te nodigen.

Dreigbrief met vier kogels aan het adres van de familie van Pablo Iglesias

Hoewel de Baskische terroristenorganisatie ETA voltooid verleden tijd is beschouwen Vox en veel militanten van de Partido Popular Iglesias als een terroristenvriend omdat hij in de federale regering de steun had van de Baskische partij Bildu. Ook zijn toenadering tot de Catalaanse republikeinen van ERC was voor velen gelijk aan staatsterrorisme. «Hoe kon hij dan in godsnaam zelf het slachtoffer zijn van terrorisme ?», hoorde je ze zwartwit denken.

Tijdens de reclame onderbreking besloten ook de kandidaten van PSOE en Más Madrid te vertrekken. Alle andere debatten op radio en TV werden geannuleerd omdat het linkse blok besloot om een cordon sanitaire te vormen tegen Vox. Hoewel het meer dan ooit noodzakelijk was om in debat te gaan rolde het daardoor de rode loper uit voor het fenomeen Ayuso. Met 65 zetels op 136 verpulverde de Partido Popular het verkiezingsresultaat van twee jaar geleden.

Ayuso slaagde in haar opzet om de Madrilenen het gevoel te geven dat ze in deze coronatijden vrijer kunnen leven dan de rest van Spanje. Door de onophoudelijke zwartmakerij richting links hebben ook veel mensen anti socialistisch gestemd. Meer zelfs: de wellicht meest verguisde Spaanse politicus aller tijden heeft de handdoek gegooid. Op de verkiezingsavond trok Pablo Iglesias zijn conclusies en trok de deur van de politiek achter zich dicht. Mission accomplished voor de Partido Popular en Vox. Nu ze staan te pronken met de scalp van hun favoriete zondebok, die de afgelopen zeven jaar een tsunami door de Spaanse politiek heeft gejaagd, is rechts wel een inspiratiebron armer.

Waarom de Spaanse landbouw niet zonder migranten kan

Spanje is de grootste exporteur van fruit en groenten in de Europese Unie. Hoofdzakelijk perziken, nectarines, aardbeien en citrusvruchten en ook serregroenten zoals tomaten, paprika’s, komkommers en augurken vinden de weg naar het buitenland. Vooral de naar schatting 300.000 plukkers zijn het slachtoffer van een landbouwmodel dat functioneert op de kap van de meest kwetsbaren.

De corona pandemie toont open en bloot aan dat 80% van de seizoensarbeiders migranten zijn. Het Spaanse landbouwmodel kan niet zonder een leger gemakkelijk uit te buiten mensen. Ondanks de, in vergelijking met andere Europese landen hoge werkloosheidscijfers, halen veel Spanjaarden hun neus op voor het werk en verkiezen nog eerder om mee te oogsten in Frankrijk. Daar krijgen ze wel het gewaarborgd minimumloon van 8 euro per uur betaald met een arbeidscontract er boven op.

Heeft Catalonië iets geleerd van vorig jaar ?

Vorige zomer ging een deel van de fruitregio Segrià in de Catalaanse provincie Lleida weer in lockdown omdat het aantal coronabesmettingen steil de hoogte inging. Nog nooit spoelden er toen zoveel seizoensarbeiders aan. De fruitplukkers die ieder jaar terugkomen uit landen zoals Marokko, Roemenië, Bulgarije en Polen mochten de grens niet over en veel migranten uit andere Spaanse regio’s zaten zonder werk door de Covid maatregelen. Zonder recht op een sociale uitkering probeerden ze daarom hun geluk in de fruitpluk.

Vooral Afrikanen die in de steden oud ijzer verzamelden, hun leven riskeerden in de bouwsector zonder contract of «top manta» verkopers. Zo heten in Spanje de Afrikaanse straatverkopers van namaakkledij en handtassen van luxemerken, zonnebrillen, horloges, voetbalshirts en gekopieerde cd’s en dvd’s. Tijdens het begin van de coronacrisis deed bovendien de kwakkel de ronde dat de federale regering in Madrid migranten zonder papieren die in de fruitpluk wilden komen werken, zou regulariseren.

Honderden van hen vonden nergens onderdak en sliepen onder de blote hemel in portalen van pleinen in de provinciehoofdstad Lleida, in garages en in verlaten boerderijen in de buurt zonder elektriciteit. Van mensen die met hun schamele hebben en houden op een stuk karton slapen kan er moeilijk verwacht worden dat ze de coronamaatregelen naleven en niet ziek gaan werken voor een habbekrats tussen vier en zeven euro per uur in het zwart.

Activisten en vakbonden stelden al veel langer de schamele werkomstandigheden en het gebrek aan onderkomen aan de kaak. De pandemie maakte huiseigenaars nog meer weigerachtig om kamers tijdelijk te verhuren en veel hotels waren gereserveerd om mensen op te vangen die in quarantaine moesten.

De in Catalonië geboren Senegalese voetballer Keita Baldé van het Italiaanse U.C. Sampdoria kon het niet aanzien en probeerde onderdak te vinden voor 200 Afrikaanse seizoensarbeiders tot het einde van de oogstperiode in september. Hoewel de ex-jeugdspeler van FC Barcelona meteen alles wilde voorschieten, voelden weinig hotels zich aangesproken om mee te werken. Uiteindelijk kon iedereen worden ondergebracht in enkele panden.

De boeren die zich niet houden aan het minimumloon van 7,40 euro/uur en de verplichting om huisvesting te voorzien voor arbeiders die van ver komen, zijn in de minderheid maar toch talrijk genoeg om mensontwaardige toestanden te veroorzaken. Er is onvoldoende arbeidscontrole, de boeren die niet zuiver op de graat zijn, schuiven de schuld af op de lage marktprijzen voor hun fruit en groenten en de lokale politici kijken naar de Spaanse overheid.

Het rode goud van Huelva

Veel van de Afrikanen die tussen maart en mei aardbeien oogsten in de Andalusische provincie Huelva trekken in juni naar Aragón en Lleida om kersen, nectarines en perziken te plukken tot september. Jaarlijks exporteert Huelva bijna een half miljard euro aardbeien naar andere landen van de EU waardoor de vruchten er het rode goud worden genoemd.

Toen in februari verschillende Catalaanse steden dagenlang in brand stonden, door de protesten tegen de arrestatie van de militante rapper Pablo Hasél, brandde er in Huelva voor de twee keer in een jaar tijd een krottenwijk van seizoensarbeiders af. Op een oppervlakte van 10 hectare bleven slechts tweehonderd van de vijfhonderd hutjes uit plastic, karton en houten paletten overeind. De humanitaire ramp bleef grotendeels onder de radar van de nationale media.

Driehonderd tot as herleide krotwoningen in Palos de La Frontera (Foto: Asociación Multicultural de Mazagón)

De NGO Accem, die zich inzet voor het lot van migranten, en het Rode Kruis voorzagen de getroffenen meteen van water, eten en dekens en hielpen hen met de heropbouw van de mensonterende krotwoningen zonder sanitaire voorzieningen. Het gemeentebestuur van Palos de La Frontera denkt er niet aan om een alternatief te bieden voor de krottenwijk. «Illegale immigratie is de verantwoordelijkheid van de staat en de centrale regering moet een eind maken aan de krotwoningen» zei de burgemeester.

Veel boeren verkiezen migranten voor de oogst omdat die niet durven protesteren tegen de erbarmelijke arbeidsvoorwaarden uit vrees om hun werk te verliezen. Spanjaarden die een werkloosheidsuitkering ontvangen denken er niet aan om aardbeien te plukken. Hun uitkering is hoger dan de 30 tot 40 euro per dag die de boeren betalen. Zij die bij gebrek aan alternatieven toch hun cv achterlaten, worden meestal nooit gecontacteerd. Straatarme Afrikanen eerst.

Extreemrechtse incoherentie

Aan de overkant van het land, in Lleida, zien ze de bui al hangen voor de volgende oogstperiode. Eind maart daagden de eerste Afrikaanse arbeiders al op, hoewel de oogst nog moet beginnen. Koren op de molen van extreemrechts. Ignacio Garriga (moeder uit Equatoriaal Guinea), de Catalaanse lijsttrekker van de partij Vox bezocht onlangs de regio. Garriga riep op tot een veiligheidsplan met meer politiecontrole op straat om de illegale immigratie te stoppen. “In Lleida zijn er niet genoeg politieagenten om het hoofd te bieden aan de dramatische situatie waarmee de lokale bevolking wordt geconfronteerd ”. “Wat niet kan zijn, is dat de straten nesten van misdaad worden”.

Hij herinnerde eraan dat tot 45% van de seizoenarbeiders in irreguliere omstandigheden terechtkomt en eiste dat alle illegalen het land worden uitgezet. “We kunnen de komst van bijna 30.000 seizoensarbeiders niet met absolute improvisatie en wanbeleid onder ogen zien. Dat betekent meer onzekerheid en een duidelijke bron van besmetting”. Geen woord over arbeidsomstandigheden en sociale inspectie.

De Spaanse oproerpolitie haalde de mosterd bij Robin Hood

Sinds de arrestatie van de Catalaanse rapper Pablo Hasél stonden afgelopen week verschillende Spaanse steden ‘s avonds letterlijk en figuurlijk in lichterlaaie in naam van het recht op vrije meningsuiting. De federale coalitieregering kibbelt over de aanpak van de straatguerilla. In Catalonië gaat het door de rellen over een hervorming van het Catalaanse politiemodel, in de verkennende gesprekken voor een regionale regeringsvorming tussen de nationalistische partijen ERC, CUP en JuntsxCat. De reden is het buitensporige geweld dat de Mossos d’Esquadra (Catalaanse politie) aanwenden om de betogers uiteen te drijven. 

De strategie die de Mossos (en ook andere Spaanse politiekorpsen) gebruiken is een uitvinding van de Catalaan David Piqué, de in 2016 plots overleden commissaris-generaal voor territoriale coördinatie van de Mossos d’Esquadra. Naar aanleiding van de hardnekkige krakersbeweging, in de jaren negentig van de vorige eeuw in de activistische wijk Gràcia in Barcelona, ontwikkelde hij het Sherwood Syndroom. Het verwijst naar de legende van Robin Hood. Robin Hood besliste zelf welke rijken er werden beroofd en aan welke armen de buit werd geschonken.

De theorie van Piqué bepaalt dat wanneer een demonstratie nog niet gewelddadig is, er door de politie moet worden geprovoceerd door middel van willekeurige, brute aanhoudingen. Het gevoel van vernedering dat dit produceert, heeft als bedoeling de gemoederen op te hitsen om een veldslag uit te lokken. Wanneer de betogers agressief beginnen te worden, zal de politie niet reageren. Op het ogenblik dat het geweld escaleert, zal de politie zich terugtrekken tot het punt dat er zoveel schade wordt aangericht dat het sociaal onaanvaardbaar wordt.

Op dat ogenblik rukt de politie razendsnel uit zodat de demonstranten niet de kans krijgen om te vluchten. Dan begint de beoogde veldslag waardoor de politie de betogers met geweld kan uiteendrijven en massaal arrestaties kan verrichten. Piqué geeft in zijn theorie wel toe dat er zo onschuldige slachtoffers kunnen vallen. 

Omdat de protesten in Madrid deze week zich concentreerden op één plek was deze tactiek des te meer duidelijk merkbaar. De demonstranten verzamelden op het plein Puerta del Sol dat smalle toegangsstraten heeft. Eerst controleerde de Policia Nacional de mensen die het plein opkwamen met het voornemen om ergernis op te wekken. Daarna verhinderden ze de betogers om het plein te verlaten. De politie begon vervolgens willekeurig mensen te bedreigen. Langzaamaan groeide de agressie onder de demonstranten totdat een massaal gevecht ontstond waardoor de plaza door de arm van de wet kon worden schoongeveegd.

Het is een opus moderandi die al langer dan vandaag ergernis oproept. In Catalonië zijn de Mossos d’Esquadra verontwaardigd over het zware geweld dat ze de afgelopen dagen op straat tegenover zich kregen en over de vraagtekens van de Catalaanse politici i.v.m. hun optreden. Het lijkt onvermijdelijk dat dit wordt opgenomen in het regeerakkoord van de toekomstige regionale regering. 

 

De Spaanse wet is voor interpretatie vatbaar

Juan Carlos I, de vorige koning van Spanje, een maffiabaas noemen in een rapnummer of beweren dat de vijand een Jood is tijdens een bijeenkomst van 300 nostalgici van ex-dictator Franco. Waar begint en stopt het recht op vrije meningsuiting ? In Spanje wordt er dezer dagen uitvoerig over gedebatteerd en het veroorzaakte zware rellen in verschillende Catalaanse steden en in Valencia. In Barcelona verloor een jonge manifestante een oog door vermoedelijk een rubberkogel van de politie. Vanavond is er opnieuw protest dat ook is overgeslagen naar de straten van Madrid. 

De aanleiding van de onvrede is de arrestatie van de militante Catalaanse rapper Pablo Hasél omdat hij in zijn teksten geregeld verwijst naar Juan Carlos I met koosnaampjes als maffiabaas, parasiet en crimineel. Hasél beschouwt zichzelf een communist en kwam de afgelopen zeven jaar al herhaaldelijk in aanraking met het gerecht voor het schofferen van het Spaanse koningshuis en staatsinstellingen en koketteren met terroristische organisaties, zowel in zijn rapnummers als op Twitter. De vorige keren kreeg hij een voorwaardelijke straf maar omdat hij van geen ophouden wil weten, vond de Audiencia Nacional (beroepshof in Madrid) het nu welletjes. Hij werd veroordeeld tot negen maanden gevangenis voor het aanmoedigen van terrorisme en beledigingen aan de monarchie.   

De rechtbank baseert zich op de ley mordaza (muilkorfwet): een uitbreiding van artikel 578 van de Spaanse strafwet waardoor rechters gemakkelijker het verheerlijken van terrorisme kunnen veroordelen, ook al valt het binnen een niet letterlijk te interpreteren artistieke context. De aanpassing kwam er in de periode van de conservatieve regering Rajoy na de terreuraanslagen in Parijs van 2015. Sindsdien werden er al tientallen artiesten veroordeeld zoals de Mallorcaanse rapper Valtonyc die drie jaar geleden naar België vluchtte. Pablo Hasél had tot vorige vrijdag de tijd om zich aan te bieden bij de gevangenispoort maar hij verschanste zich met medestanders in de universiteit van zijn thuisstad Lleida. Daar werd hij gisteren door de Mossos d’Esquadra (Catalaanse politie) opgepakt.   

Het is altijd de bedoeling geweest van de huidige coalitieregering met de socialistische PSOE en het linkse Unidas Podemos om de muilkorfwet terug te draaien. Unidas Podemos liet er geen gras over groeien en kondigde na de arrestatie van Hasel aan dat ze kwijtschelding van straf hebben aangevraagd bij het Ministerie van Justitie wegens zware tegenstrijdigheden met de realiteit. Juan Carlos I vertoeft al maanden in ballingschap in de Emiraten, op de vlucht voor de strafrechtelijke feiten waarvan Pablo Hasel hem beschuldigt. Tijdens zijn proces verklaarde Hasél dat hij alleen maar rapt over misdrijven van het koningshuis die je in alle media kan lezen en horen. Hij zei tegen de rechter dat er onvoldoende gevangenissen zijn in Spanje om al die journalisten achter de tralies te zetten. “Ik sta niet terecht omwille van wie ik ben maar wegens mijn overtuigingen”. Toen hij gisteren door de agenten werd afgevoerd, riep hij “dood aan de fascistische staat”.  

​Wat ook een anomalie is, is dat uitgerekend afgelopen zaterdag 300 mensen hulde brachten aan La División Azul in Madrid en daarbij openlijk hun fascistische, anti-communistische en xenofobe sympathieën uitten. De «Blauwe Divisie» was een legioen Spaanse vrijwilligers, die als wederdienst voor Hitlers steun aan Franco tijdens de Spaanse burgeroorlog, meestreden aan het Oostfront. Een van de sprekers op de bijeenkomst was Ignacio Menéndez, advocaat van een van de leden van een extreemrechts doodseskader dat in 1977 vijf arbeidsadvocaten vermoordde. Hij vroeg de aanwezigen om de COVID-19 maatregelen niet na te leven: “Het is noodzakelijk dat je de avondklok overtreedt, dat je je familie en vrienden ontmoet en dat je elkaar omhelst want fascisme is vreugde”. Er was ook een korte religieuze dienst voor een herdenkingsteken van La División Azul, waarop een bloemenkrans met een nazi-swastika was geplaatst. De priester zei o.a.: “Het marxisme probeert de vrede van onze samenleving te verstoren en Jezus Christus uit ons leven te verbannen”.

Hoewel alle aanwezigen ook de fascistische groet uitbrachten (in Spanje kom je daar vlot mee weg), was de bijeenkomst wellicht ongemerkt voorbijgegaan mocht een 19 jarige vrouw in een blauw falangistisch hemd (*) ook niet even het woord hebben gevoerd. “Het is onze allerhoogste plicht om voor Spanje te vechten, om voor Europa te vechten, dat nu zwak en geliquideerd is door de vijand. De vijand zal altijd dezelfde zijn, zij het met verschillende maskers: de Jood. […] De Jood is de schuldige en de Blauwe Divisie vocht tegen hen”. Naar aanleiding van de speech van de nieuwe poster girl van extreem-rechts is het openbaar ministerie in Madrid een onderzoek begonnen naar aanzet tot haat en hoe het mogelijk is dat de herdenking werd toegelaten.

Justitie dat rappers als terroristen beschouwt en een onafhankelijkheidsreferendum als een staatsgreep maar wegkijkt voor openlijk fascisme, zolang het niet breed in de media wordt uitgesmeerd: er is iets grondig mis met de Spaanse instellingen.

(*) Falangisme: extreemrechtse politieke beweging in het Spanje van de jaren 30 van de vorige eeuw.

Vindt Catalonië een uitgang in het stemhokje ?

De Catalanen mogen op Valentijnsdag  vroeger dan voorzien nog eens de vertegenwoordigers van hun regionale parlement kiezen. Veel liefdesverklaringen vielen er tijdens de campagne niet te bespeuren. Wel racune en verwijten. De aanleiding van de tweede vervroegde verkiezingen op een rij is even absurd als miljoenen Catalanen naar het stemlokaal roepen tijdens de derde Covid-19 pandemiegolf. Bepalen de sociaal-economische hangijzers die corona heeft veroorzaakt de kiescampagne of staat de ontspoorde trein tussen Barcelona en Madrid weer centraal ?

Wat als ?

Het had allemaal anders kunnen lopen als gewezen oppositieleider Mariano Rajoy, van de conservatieve Partido Popular, in 2010 niet met een stapel handtekeningen onder de arm naar het Grondwettelijk Hof was gestapt. Toen verklaarden 12 gepolitiseerde rechters het Catalaanse statuut nietig. In 2005 deelden zowel in Barcelona als in Madrid de socialisten de lakens uit en keurden het Catalaanse en het federale parlement een van de Catalaanse verzuchtingen goed. De erkenning van Spanje als plurinationale staat en Catalonië als natie. De Partido Popular, die alles liever houdt zoals het is en diversiteit niet hoog in het vaandel voert, vond dit discriminerend voor de rest van Spanje.

Het bracht een gigantische politieke mobilisatie in Catalonië op gang. Onder leiding van de burgerplatformen Òmnium en ANC groeide de viering van La Díada (Catalaanse feestdag)  in  Barcelona uit tot een jaarlijkse miljoenenbijkomst waarin een onafhankelijkheidsreferendum werd geëist. Omdat Madrid zich negationistisch bleef opstellen besloot de regionale gematigd conservatieve partij CiU ook zijn wagon aan te haken aan de voortdurend langere independencia trein. Daarbij was een scheut opportunisme gemoeid want de toenmalige regeringspartij van Artur Mas stond onder zware druk door ingrijpende besparingen in openbare voorzieningen en corruptieschandalen rond zijn partij.  

Het huwelijk tussen de centrumrechtse (Convergencia Democrática de Catalunya) en de christendemocratische (Unión Democrática de Catalunya) partners van de CiU liep op de klippen en de CDC vertakking trok eind 2015 naar de kiezer met een gelegenheidskartel met het linksrepublikeinse ERC en een amalgaam van separatistische organisaties. Doel: het proces naar de onafhankelijkheid op de rails zetten met om te beginnen een referendum. Carles Puigdemont ruilde zijn burgemeesterstoel van Girona in voor die van de minister-president van de Catalaanse regering. Anderhalf jaar later werd Catalonië enkele weken wereldnieuws en kreeg het gerecht opnieuw het laatste woord in het politieke conflict. De Catalaanse politieke verantwoordelijken trokken in ballingschap naar het buitenland of werden in Spanje achter de tralies gezet.

Absurdisme 

Sindsdien is Catalonië politiek nog meer versnipperd. De Convergencia Democrática de Catalunya is ondertussen ook niet meer en leeft verder in Junts Per Catalunya en het veel kleinere PDeCAT. Na de vervroegde verkiezingen van december 2017 volgde Quim Torra de naar Waterloo gevluchte Carles Puigdemont op. Onder Torra, een purititeinse nationalist met nauwelijks politieke ervaring en Puigdemont volgeling, werd er weinig geregeerd. De coalitiepartners ERC en Junts Per Catalunya lagen voordurend overhoop en Torra zelf is de aanleiding dat de Catalanen weer moeten gaan stemmen. Hij werd uit zijn ambt ontzet nadat hij had geweigerd om tijdens de campagne van de laatste nationale verkiezingen pancartes voor de politieke gevangenen van de gevel van het gebouw van de Catalaanse regering te verwijderen. De Kiescommissie vond dit onpartijdig.

De Catalaanse regering wilde de verkiezingen verplaatsen naar eind mei omwille van de derde coronagolf maar werd teruggefloten door het Catalaanse Hooggerechtshof. De nationalisten zien hierin opnieuw de hand van Madrid net zoals in de transfer van de Catalaanse socialist Salvador Illa van de nationale regering naar het lijsttrekkerschap van de socialisten voor de Catalaanse verkiezingen. Tot eind januari was Illa de minister van Volksgezondheid in de linkse coalitieregering van premier Pedro Sánchez. Jawel, een minister van Volksgezondheid die in volle pandemie het schip verlaat wegens electorale belangen. Illa was daarom tijdens de kiescampagne vijand nummer 1 van de andere partijen. Sánchez zijn plan om op die manier het politieke centrum in Catalonië te herbevolken lijkt volgens de peilingen te lukken. We mogen ons verwachten aan een nek-aan-nek race tussen de socialisten, Junts per Catalunya en ERC.

Door de pandemie hebben duizenden burgers die zijn opgeroepen om in stembureaus te zetelen bezwaren aangevoerd, verschillende gemeenten organiseerden oefeningen in de kieslokalen om alles veilig te laten verlopen en een record aantal kiezers heeft al via de post gestemd. Volgens de peilingen zal door de besmettingsvrees de opkomst bij deze verkiezingen veel lager uitvallen dan normaal. Uitgerekend Salvador Illa, de ex-minister van Volksgezondheid, vond het als enige kandidaat niet nodig om voor het laatste lijsttrekkersdebat op de Catalaanse TV een PCR sneltest te laten afnemen. Illa werd door de andere partijen getrakteerd op verdachtmakingen alsof hij op zijn kabinet in Madrid zich al hebben laten vaccineren.

In Catalonië geldt er niet alleen een avondklok tussen 22u en 6u maar is ook de bewegingsvrijheid al weken beperkt. Eerst mocht je niet buiten je eigen gemeente zonder geldige reden, sinds vorige week mag je al tot de grenzen van je kanton. Net voor aanvang van de kiescampagne kwam de Catalaanse regering met een uitzondering op de proppen. Omdat ze het als een fundamenteel recht beschouwt voor de kiezers om zich goed te informeren, mocht je wel verkiezingsmeetings bijwonen. Ook de gevangen gezette politici mochten mee campagne voeren maar moesten ‘s avonds wel terug naar de gevangenis. Een versoepeling van hun gevangenisregime dat al eerder regionaal werd goedgekeurd maar door het nationale Hooggerechtshof werd teruggefloten. Een pingpong partij zonder einde.

Veel geblaat, weinig wol

Mochten de independentistas weer voldoende zetels halen om samen een regering te vormen, heeft de kiescampagne alleszins niet verduidelijkt hoe ze samen opnieuw door een deur kunnen. Oriol Junqueras, de tot een lange gevangenisstraf veroordeelde leider van het linkse ERC en ex-vice-president van Puigdemonts regering, herinnerde er nog maar eens aan dat zijn partij in zijn 90 jarige geschiedenis nooit corruptiezaken heeft gekend zoals in het ter ziele gegane CiU van Puigdemont, de Partido Popular en de socialisten. Het was een steek richting Laura Borrás, de lijsttrekster van Puigdemonts partij Junts per Catalunya. Zij wordt verdacht van fraude, valsheid in geschrifte en verduistering van openbaar geld.

En wat met de steun van ERC aan de nationale regering van Pedro Sánchez in de hoop om daarmee een vruchtbare dialoog op gang te brengen tussen Catalonië en Madrid ? Junts blijft radicaal zweren bij het proces richting onafhankelijkheid. Over één ding zijn alle pro-independencia partijen het wel eens: met de socialisten wordt er niet samengeregeerd. Catalans per la indepèndencia, een organisatie van ex-leden van de Assemblea Nacional Catalana (ANC), slaagde er afgelopen week in om Junts per Catalunya, ERC, het anti-kapitalistische CUP en PDeCAT een verklaring te laten ondertekenen waarin ze beloven om niet toe te treden tot een coalitie met de socialistische partij. Een cordon sanitaire rond een sociaal-democratische partij. Het is eens iets anders.

Over de aanpak van de sociaal-economische nevenverschijnselen van de coronacrisis kwamen de Catalaanse kiezers weinig concreets te weten. Investeringen in de gezondheidszorg, (tijdelijke) werkloosheid, jongeren met mentale problemen, kleine bedrijven die moeite hebben om te overleven, een herziening van het toeristisch model, betaalbare woningen, onderwijs,… Iedereen erkende dat het problemen zijn die moeten worden aangepakt maar hoe dat zal gebeuren blijft in het duister tasten.

Volgens de peilingen zal het extreemrechtse Vox onder andere daardoor zijn intrede doen in het Catalaanse parlement. De partij zou meteen meer zetels binnenhalen dan de Partido Popular omdat het de kiezers verleidt die het discours van de independentistas spuugzat zijn en zich in de steek gelaten voelen door het systeem. Ook de partij aan de andere kant van het spectrum, het CUP, stijgt in de enquêtes.

De Spaanse Covid-vaccinatiecampage leest als een schelmenroman

Corona vaccinatie Spanje

Sinds het begin van de corona-vaccinaties op 27 december zijn er Spanjaarden die niet tot de risicogroepen behoren die proberen het systeem te slim af te zijn. In zowat heel het land waren er gevallen van politici, ambtenaren, familieleden van verpleegkundig personeel, ziekenhuisdirecteurs, hoge militairen en zelfs geestelijken die het niet nodig vonden om hun beurt af te wachten om zich te laten vaccineren.  

Het is een symptoom van een ander virus dat in Spanje weelderig woekert en waar geen vaccin voor bestaat: la picaresca. Een term die afkomstig is van het woord “pícaro” (schelm, schurk) en verwijst naar “la novela picaresca” (schelmenroman), een literair genre dat in de 16e eeuw ontstond in Spanje. De plot draait altijd rond een guitige antiheld die alles en iedereen om de tuin leidt om overeind te blijven in het leven.

Die vindingrijkheid blijft in het hedendaagse Spanje verder sluimeren. Er is immers meer wantrouwen dan in de meeste andere Europese landen ten opzichte van “het systeem”. Hoewel de Spanjaarden verontwaardigd reageren op politieke corruptie wordt “la picaresca” toch stiekem geaccepteerd door een groot deel van de bevolking.

De grootste polemiek ontstond toen aan het licht kwam dat Miguel Ángel Villarroya, de stafchef van het Spaanse leger, zich had laten vaccineren, samen met andere hoge pieten van het leger en de Guardia Civil. Het vaccinatieplan van de Spaanse krijgsmacht bepaalt dat in de eerste plaats het sanitair legerpersoneel en de militairen die op missie vertrekken, moeten worden gevaccineerd. Daarna het burgerpersoneel in militaire hospitalen en tenslotte de legerstaf.

Villarroya was tijdens de lockdown van afgelopen lente een van de vaste sprekers tijdens de persconferenties van het nationaal crisiscomité. Legendarisch waren in maart zijn woorden «We zijn allemaal soldaten in deze vreemde oorlog die we beleven.» Ondertussen heeft hij ontslag genomen als stafchef. Een gedecoreerde generaal is en blijft ook een soldaat in de oorlog tegen corona.

De strafste stoot aan politieke kant kwam uit Murcia. De ondertussen ex-minister van Volksgezondheid van de regionale regering, Manuel Villegas, ontving samen met 400 ambtenaren van zijn departement een Pfizer spuitje. De Partido Popular politicus probeerde zich te verschuilen achter zijn artsendiploma en het argument dat het moeilijk is om te weten wie er in de sanitaire sector prioriteit krijgt. Onder druk van coalitiepartner Ciudadanos trad hij af.

Het meest surrealistische excuus was afkomstig van de minister van Volksgezondheid van de autonome regio Ceuta. Hij wilde zich eigenlijk niet laten vaccineren omdat hij niet wil weten van vaccins. Waarom hij het dan wel heeft laten doen vond hij niet nodig om uit te leggen.

De meest gebruikte smoesjes «er waren teveel vaccins» en «ik wilde een voorbeeld stellen» vind je in de gemeentepolitiek. In de regio Valencia kregen de burgemeesters Ximo Coll en Carolina Vives (een gehuwd koppel bovendien) van de dorpjes El Verger en Els Poblets een standje van de socialistische partij. Samen met vijf lokale politieagenten hadden ze zich in een sanitair centrum laten vaccineren met het excuus dat er 7 vaccins teveel waren. Twee verplegers waren in quarantaine op het moment van vaccinatie, twee waren thuis door griep en drie anderen weigerden zich te laten inenten.

Fran López, de socialistische burgemeester van het dorp Rafelbunyol, liet zich vaccineren in een rusthuis, omdat hij naar eigen zeggen een voorbeeldfunctie heeft.

Nog in Valencia gebruikte de burgemeester van La Nucía zijn doktersfunctie van de lokale voetbalclub als gegronde reden om zich te vaccineren.

Het record van schaamteloosheid werd gebroken in een dorp van nauwelijks 240 inwoners. In Villavicencio de los Caballeros, in Castilla y León, lieten de burgemeester, twee schepenen en de priester van het dorp zich inschrijven als werknemers van het lokale rustoord. Ze hadden nog nooit een voet in de residentie gezet maar zetelden wel in de beheerraad.

Ook de burgemeester van Villahermosa del Río, in de provincie Castellón, vond dat hij als beheerder van het bejaardentehuis ook deel uitmaakt van het zorgpersoneel.

In Catalonië kregen een 300tal gepensioneerde artsen de vaccinatie toegediend in het hospitaal van Terrassa omdat er teveel dosissen waren. In een instelling voor gehandicapten in Terres de L’Ebre werden drie werknemers geschorst omdat ze vijf vaccins hadden bewaard voor familieleden. De Junts per Catalunya burgemeester van de gemeente Riudoms en de schepen van Financiën kregen beiden een prik in een rustoord met het excuus dat er overschot was.

Een rustoord in Madrid vaccineerde verschillende familieleden en priesters om zogezegd geen enkel vaccin te laten verloren gaan en de bewoners maximaal te beschermen.

Ook Sebastià Taltavull, de bisschop van Mallorca, wilde een voorbeeld stellen voor de bevolking. Hoewel hij buur is van een rustoord voor priesters, vlakbij het bisschoppelijk paleis, woont hij niet in de residentie en werkt hij er ook niet.

De Spanjaarden die wel netjes hun beurt afwachten, halen de schouders op en herhalen de dooddoener «siempre hemos sido el país de la picaresca» (we zijn altijd het land van het picaresque geweest).

26 miljoen Spanjaarden vermoorden in naam van de vrijheid

Spaanse luchtmacht

“Er zit niets anders op dan 26 miljoen klootzakken neer te schieten”. “De Spaanse samenleving is verdeeld en de goeden zijn laffer dan de slechten. Er rest ons geen andere keuze dan de geschiedenis te herhalen”. “Spijtig dat ik geen bommenwerpers meer kan sturen om die verdomde ANC (Catalaanse organisatie die streeft naar een onafhankelijke Catalaanse staat) plat te leggen…” Het zijn geen woorden die uit een of ander extreemrechts obscuur chatgroepje van het internet zijn geplukt.

Begin december bracht de Spaanse online krant Infolibre aan het licht dat gepensioneerde generaals, kolonels en kapiteins van de Spaanse luchtmacht, in de Whatsapp groep XIX, openlijk hun heimwee naar dictator Franco uiten. XIX refereert naar de lichting van de Luchtvaartacademie die in 1964 afstudeerde. Een van de meest actieve leden van de groep is generaal Francisco Beca. Van zijn telefoon kwam de oproep om 26 miljoen foute Spanjaarden neer te knallen.

Verschillende leden van de groep ondertekenden een brief die in november naar koning Felipe VI werd gestuurd. Samen met 70 andere militaire gezagshebbers op rust uitten ze daarin hun bezorgdheid over de linkse coalitieregering van Pedro Sánchez. Een regering van sociaal-communisten gesteund door separatisten en ETA die ze als een bedreiging beschouwen voor de natie.

Gepensioneerd luitenant-kolonel en ex-lid van de Whatsapp groep José Ignacio Dominguez: «Het zijn geen monarchisten noch constitutionalisten maar franquisten die niet alleen de dictatuur van weleer verdedigen maar ook die van de toekomst. Ze dromen van een nieuwe militaire staatsgreep om orde op zaken te stellen» … «Het groepje werd vriendschappelijk opgericht om met de oude collega’s in contact te blijven maar het is met de tijd uitgegroeid tot de appendix van Vox (extreemrechtse partij)».

Hun discours van de overwinnaars van de Spaanse burgeroorlog sluit aan op de verwijten van de hele rechterzijde aan het adres van de regering Sánchez. Het verhaal van de onwettige regering die Spanje wil verdelen en omvormen tot een dictatuur zoals in Cuba, Nicaragua en Venezuela. Vox herhaalt dit tot vervelens toe onomfloerst, de Partido Popular doet hetzelfde maar met meer bedekte, populistische termen. Niet omdat ze dat zelf geloven maar in een poging om de Vox kiezers terug te lokken naar het grootste rechtse bastion.

Sinds het tweepartijenstelsel van Partido Popular en de socialistische PSOE is doorbroken, kan geen enkele van de grote twee nog alleen regeren. Daarvoor hebben ze een coalitiepartner nodig en de steun van regionale partijen, waaronder Baskische en Catalaanse, zoals het geval is met de huidige coalitieregering van PSOE en Unidas Podemos. Een doorn in het oog van de Partido Popular want zolang Vox hen voor de voeten loopt, kan rechts onmogelijk pacten sluiten met regionale partijen die zich willen afscheuren van Spanje.

Ondertussen loopt er een gerechtelijk onderzoek naar de inhoud van het Whatsapp groepje. Er wordt nagegaan of er in de gesprekken werd aangezet tot een staatsgreep en haatmisdrijven en inbreuken op de Ley de Memoria Histórica. Dit wetsartikel erkent alle slachtoffers van de Spaanse burgeroorlog, voorziet rechten voor de slachtoffers en nakomelingen van slachtoffers van de burgeroorlog en de dictatuur van Franco, en het veroordeelt ook formeel het Franco regime. Macarena Olona, de parlementaire woordvoerster van Vox, noemt het onderzoek ronduit communisme.

Daarom is Spanje geen republiek

Afgelopen week was het 45 jaar geleden (20 november 1975) dat de Spaanse dictator Franco zijn laatste adem uitblies. Volgens de grondwet die daarop volgde, leven de Spanjaarden sindsdien in een rechtsstaat met scheiding der machten, recht op vrije meningsuiting, stemrecht en ook politieke en syndicale organisaties zijn toegelaten zoals het een normale democratie betaamt. Waarom zijn het echter altijd zij die om ter luidst “leve de koning”, “leve de grondwet” en “leve Spanje” roepen die benadrukken dat Spanje een geconsolideerde modeldemocratie is ?

José Maria Aznar

Mocht de Spaans politiek een metafoor zijn van de Muppet show dan was ex-premier Aznar Statler en Waldorf in één persoon. De achterhoede stokebrand van de conservatieve Partido Popular noemde vorige week huidig socialistisch premier Pedro Sánchez een nutteloze dwaas, in een interview met het economisch dagblad Expansión. Als een voormalig eerste minister zonder enige schroom zulke woorden in de mond neemt, is er iets grondig rot ter hoogte van de fundamenten van de Spaanse staat.

Volgens Aznar bevindt het land zich in een zeer gevaarlijke situatie van politieke, sociale en economische achteruitgang. De socialistische partij PSOE is volgens hem een platform voor de linkse, republikeinse coalitiepartner Unidos Podemos waardoor het constitutionele model van Spanje in gevaar is. “Het uiteindelijke doel is om de grondwet en monarchie te delegitimeren en een populistisch, autoritair regime te creëren met een planeconomie. Zonder monarchie kan er geen grondwet bestaan en zonder koning is er geen harmonie in de samenleving”.

Aznar zegt onomwonden wat hij voor de opkomst van de extreemrechtse partij Vox alleen maar durfde denken. Zijn racune ten opzichte van Unidos Podemos, de doorn in het oog van rechts Spanje, voert ons terug naar de hoogspanning aan de vooravond van de Spaanse burgeroorlog in de jaren dertig van vorige eeuw. Nog een geluk dat Aznars griezelige snorretje van weleer is verdwenen. De fratsen van ex-koning Juan Carlos I voeden rechtse hersenschimmen over heimwee van links Spanje naar een republiek zoals net voor de burgeroorlog.

Juan Carlos I

Rekeningen met zwart geld in Zwitserland via fictieve bedrijven en stromannen, donaties van miljonairs en ondemocratische regimes uit het Midden Oosten, zwarte kredietkaarten,… Sinds de voormalige koning Juan Carlos I zijn ex-minnares Corinna Larsen uit de biecht heeft gepraat, is de ooit zo populaire koning met de noorderzon verdwenen richting Verenigde Arabische Emiraten, op de vlucht voor verschillende gerechtelijke onderzoeken. Niet ontoevallig naar een bevriend land dat geen uitleveringsakkoorden heeft met Spanje.

Nooit is een hedendaagse monarch zo bruusk van zijn voetstuk gevallen als de nationale held Juan Carlos I. De door Franco als zijn opvolger aangeduide koning stippelde het pad uit voor de terugkeer naar de democratie. Zijn eerste minister Adolfo Suárez ontmijnde tijdens die overgansperiode de wens van de socialisten om van Spanje opnieuw een republiek te maken. De nieuwe grondwet voorzag een amnestiewet die gratie gaf aan zowel de politieke gevangenen van het Franco bewind als aan de misdaden van de tirannie. In de grondwet staan er nog veel meer artikels die aantonen dat de constitutie gefundeerd is op de erfenis van de dictatuur.

Juan Carlos I met een cadeautje van de ex-president van Kazachstan

De koning heeft nooit de schendingen van de mensenrechten tijdens de Franco dictatuur veroordeeld. De Partido Popular, de erfgenaam van de aan Franco gerelateerde partij Alianza Popular, evenmin. De monarchie is de connectie met de economische machthebbers van de Franco periode. Een essentiële schakel in de Spaanse Deep State die er niet voor terugdeinst om bewijzen van corruptie te laten verdwijnen en dissidente stemmen zwart te maken. De opeenvolgende regeringen (waaronder de socialisten) en de Spaanse geheime dienst zorgden er als lakeien voor dat de deksels van de beerputten van het paleis toebleven. De Borbón clan bouwde tijdens het koningschap van Juan Carlos niet meer en niet minder dan een maffiagetint netwerk uit om een gigantisch fortuin te vergaren.

Alles is de schuld van links

De wervelstorm waarin de Spaanse monarchie zich bevindt, wordt volgens de Partido Popular, Vox en de conservatieve media georkestreerd door Unidos Podemos. Rechts houdt niet op met benadrukken dat niemand schuldig is totdat het tegendeel is bewezen. De verdiensten van Juan Carlos I voor de Spaanse democratie kunnen niet genoeg worden benadrukt. Alles is toegelaten om de bevolking te overtuigen dat duistere rode krachten het staatsmodel willen omvergooien.

Zoals de verbale acrobatie van Partido Popular voorzitter Pablo Casado in een recent radio interview aantoont. Volgens hem is het een onomstotelijk gegeven dat de huidige koning Felipe VI door het gros van de Spanjaarden is verkozen omdat in het grondwetsreferendum van 1978 de monarchie al was vastgelegd. Unidos Podemos kopstukken Pablo Iglesias en Alberto Garzón zijn volgens Casado niet door een meerderheid verkozen en zijn daardoor dus illegitieme leden van de nationale regering.

Sinds Juan Carlos zich in het verborgene heeft teruggetrokken, is er al twee maal campagne gevoerd om zijn imago en dat van het koningshuis op te poetsen. Een totaal van 30 ex-ministers (ook socialistische) en een 40-tal andere politieke notabelen tekende een manifest waarin wordt benadrukt dat zijn inspanningen voor de democratie en de natie van onschatbare waarde zijn. Ook een groep bekende Spanjaarden nam een video op waarin Juan Carlos zijn opofferingen voor het vaderland werden bejubeld. Het reflecteert de bedenkelijke kwaliteit van het Spaanse democratisch bestel. Het verzoek van Unidos Podemos en enkele regionale partijen om een parlementaire onderzoekscommissie op te richten werd tot 2 keer toe afgewezen.

Het ETA symptoom

De Baskische terroristische afscheidingsorganisatie ETA heeft zichzelf op 20 oktober 2011 ontbonden maar toch dient het nog als stok om links mee te slaan. Als in het nationaal parlement het drieletterwoord ETA, verpakt in kromme redeneringen, weer eens van het spreekgestoelte van de rechtse partijen rolt, is het een symptoom dat er politieke verandering in de lucht hangt die de Partido Popular, Vox of Ciudadanos niet bevalt. De eerste linkse coalitieregering in 80 jaar is in hun ogen even staatsgevaarlijk als de ETA zaliger.

Afgelopen week trok rechts opnieuw de ETA trukendoos open omdat de links-nationalistische Baskische partij Bildu de Spaanse begroting mee zal goedkeuren. Bildu is de opvolger van de verboden partij Batasuna, indertijd beschouwd als de politieke arm van ETA. Bildu eist nochtans van zijn militanten dat ze schriftelijk alle vormen van geweld afwijzen en om het even welke inbreuk op de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens. Het staat niet alleen in de statuten van de partij, de parlementsleden van Bildu veroordelen ook publiekelijk de acties van ETA.

Waar wachten de Partido Popular en Vox dan nog op om de veroordeling van de misdaden van het Franco regime in hun statuten op te nemen ? Hun ETA obsessie heeft duidelijk niets te maken met waardigheid en verontwaardiging over de slachtoffers die de Baskische organisatie heeft gemaakt. Het dient politieke belangen. ETA is een van de middelen die de rechtse Ghostbusters gebruiken om linkse spoken uit het parlement te verdrijven. Bovendien worden “los rojos” (de rode) en Catalaanse en Baskische nationalisten over dezelfde kam gescheerd.

Tijd voor een tweede Transición

Tijdens de inauguratie van de coalitieregering PSOE – Unidos Podemos richtte Pablo Iglesias, de leider van Unidos Podemos en vice-premier, zich tot premier Sánchez met de woorden “ze gaan ons aanvallen op wie we zijn, niet op wat we doen”. Het is een indicatie van een democratie die gestructureerd is op de onderbouw van de Franco dictatuur. Geen modeldemocratie zoals de Partido Popular en koning Felipe VI tot vervelens toe blijven herhalen.

Zijn vader is in ballingschap vertrokken omdat hij verdwaald is geraakt in zijn eigen doolhof, het Hooggerechtshof sprak draconische straffen uit tegen de Catalaanse pro-onafhankelijkheid leiders, rappers en andere artiesten worden vervolgd door het gerecht omdat sommigen aanstoot namen aan hun werk, er lopen uitgebreide onderzoeken tegen corruptie bij politieke partijen (de Partido Popular op kop) en politieman op rust José Manuel Villarejo duikt op in de smeergeldaffaires van Juan Carlos I en spionage en zwartmakerij van politieke dissidenten. De scheiding van machten is onduidelijk en de rechtspraak schippert te dikwijls tussen onvoldoende gefundeerd en arbitrair.

Hoe het begon en hoe het eindigde

Niet alleen de harde aanpak van het Catalaanse onafhankelijkheidsreferendum toont aan dat de grondwet de bijbel is waar de rechterkant van het politieke spectrum alles mee aftoetst i.p.v. politiek te bedrijven. Door de amnestiewet en de wet op het democratisch geheugen weten nog altijd duizenden Spanjaarden niet waar hun tijdens de dictatuur en de burgeroorlog verdwenen ouders of grootouders begraven liggen. De nog in leven zijnde folteraars genieten eeuwige amnestie. Volgens de Partido Popular is de eerste steen van harmonie in de samenleving gelegd tijdens La Transición (de overgang): de periode tussen de dood van Franco en de terugkeer naar de democratie. Massagraven openbreken en DNA op beenderen vergelijken, getuigt voor hen niet van vaderlandsliefde.

De straffeloosheid van het franquisme, de wens van de Catalanen, Basken en Galliciërs om over hun eigen toekomst te mogen beslissen, de medeplichtigheid van de conservatie media in het zwart maken van alles dat de verworvenheden van het Spaanse ancien régime bedreigt… Wanneer staat er een nieuwe politieke generatie op die verder kijkt dan de klassieke tegenstellingen, politiek op niveau bedrijft en Spanje door een tweede Transición stuurt ?

Bijltjes driedaagse bij de Spaanse Guardia Civil

Crisis bij de Spaanse Guardia Civil

Op 8 maart vond in Madrid een feministische betoging plaats naar aanleiding van de dag van de vrouw. 120.000 mensen zakten toen af naar de Spaanse hoofdstad. Sinds het begin van de lockdown beschuldigt de oppositie de socialistische regering van PSOE en Unidos Podemos ervan om de manifestatie te hebben toegelaten wegens ideologische redenen. Nochtans was  het toen al duidelijk dat het coronavirus aan een opmars bezig was in het land. Daarom loopt er een gerechtelijk onderzoek dat nagaat of de viroloog Fernando Simón en Minister van Volksgezondheid Salvador Illa aansprakelijk kunnen worden gesteld voor nalatigheid en achterhouden van informatie. Rechter Carmen Rodriguez Medel, afkomstig uit een Guardia Civil familie, baseert haar onderzoek o.a. op verslagen van de Guardia Civil.

De Guardia Civil manipuleerde in die verslagen de verklaring van een getuige om zo de regering te betichten. Fernando Grande-Marlaska, de Minister van Binnenlandse Zaken stuurde het hoofd van de Guardia Civil, kolonel Diego Pérez de los Cobos, daarom de laan uit. Officieel wegens “een gebrek aan vertrouwen”. Een dag later nam Laurentino Ceña, de nummer twee van de politie-eenheid, zelf ontslag. Nog een dag later volgde Fernando Santafé zijn voorbeeld. Hij werd beschouwd als de nummer drie van het korps. Daarmee hangt er oorlogsstemming in de lucht tussen het Ministerie van Binnenlandse Zaken, de Guardia Civil, justitie en de rechtse oppositie: kortom de franquistische Deep State versus de regering.

Ex-kolonel Pérez de los Cobos is de broer van een conservatieve rechter van het Grondwettelijk hof en zijn verleden leest niet als een onbeschreven reactionair blad. Zijn naam circuleert onder meer in de folteringszaak van ETA lid Kepa Urra na zijn arrestatie in januari 1992 door de Guardia Civil. Volgens getuigen zou de tiener Pérez de los Cobos zich op 23 februari 1981 ook hebben aangeboden als vrijwilliger bij de kazerne van de Guardia Civil in Yecla (Murcia), zijn geboortedorp, terwijl luitenant kolonel Antonio Tejero een staatsgreep probeerde te plegen in het Spaanse parlement. De vader van Pérez de los Cobos was militant van Fuerza Nueva, een extreemrechtse partij die ontstond na de dood van dictator Franco en in 1982 werd opgeheven.

Kolonel Diego Pérez de los Cobos Guardia Civil
Pérez de los Cobos in betere tijden

De ontslagen kolonel was in 2017 ook de eindverantwoordelijke van het Guardia Civil rapport i.v.m. het Catalaanse onafhankelijkheidsreferendum. Deze verslagen werden vorig jaar gebruikt tijdens het proces tegen de politieke en sociale leiders van het referendum. Op het proces verklaarde Pérez de los Cobos dat er op 1 oktober 2017 geen buitensporig geweld was gebruikt door de Guardia Civil en de Policía Nacional aan de stemkantoren. De beelden die heel de wereld rondgingen, spraken hem echter flagrant tegen. Het gemanipuleerde verslag van de betoging van 8 maart in Madrid bevestigt de partijdigheid van de rechtszaak: ook het rapport over het referendum was er een op bestelling en op het proces stonden Pérez de los Cobos zijn cynische, leugenachtige verklaringen in dienst van het hard maken van de beschuldiging van opruiing door de Catalaanse leiders.

Hoewel de terroristische Baskische afscheidingsorganisatie ETA zichzelf twee jaar geleden heeft ontbonden, is het de stok waarmee rechts Spanje blijft slaan wanneer de Partido Popular niet aan de macht is. Wie of wat niet in hun kraam past is een met heel veel korrels zout te nemen ETA-vriend, terrorist en crimineel. Tijdens de verhitte parlementsdebatten over de crisis bij de Guardia Civil was het weer zover. Minister Grande-Marlaska kreeg ook de ETA-zweep over zich heen. Uitgerekend hij die in een vorig leven als rechter ETA-leden naar de gevangenis heeft gestuurd, inclusief de Baskische politicus Arnaldo Otegi o.a. wegens de connectie tussen de inmiddels verboden partij Batasuna en ETA.

Cayetana Álvarez de Toledo, de binnen de partij omstreden woordvoerster van de PP fractie in het parlement, verweet vice-president Pablo Iglesias van Unidos Podemos de zoon te zijn van een terrorist en te behoren tot de aristocratie van de politieke misdaad. Iglesias had haar daarvoor in het halfrond ostentatief aangesproken met haar adelijke titel “markies”. Álvarez de Toledo haar uitspraak is een oude kwakkel van partijgenoot en Europarlementariër Herman Tertsch. Hij bracht de vader van Pablo Iglesias in een tweet in verband met de moord op een politie-inspecteur door de Antifacistische beweging FRAP in 1973. Tertsch werd hiervoor veroordeeld tot het betalen van 15.000€. Daarvoor had hij al eens 12.000€ moeten ophoesten omdat hij Iglesias’ grootvader een moordenaar had genoemd.

Verwijten tussen Álvarez De Toledo en Pablo Iglesias
Cayetana Álvarez De Toledo versus Pablo Iglesias

De laster van Álvarez de Toledo zal opnieuw in een rechtbank eindigen want de vader van Pablo Iglesias heeft ondertussen klacht ingediend. Dat is slechts bijzaak. Het belangrijkste is dat de opdracht is volbracht. Het imago van Pablo Iglesias en Unidos Podemos is met haar in de media breed uitgesmeerde woorden nog eens besmeurd. Net zoals het extreemrechts VOX noemde ze Iglesias ook nog “een oplichter, communist, het paard van Troje van de democratie, de regeringsambassadeur van ETA, volgeling van de Iraanse ayatollahs, vriend van Nicolás Maduro, een Europese anamolie”. Ook de straatprotesten van de burgerij en de vervalste Guardia Civil rapporten dienen om de Spaanse Deep State verder aan de poten van de socialistische regering te laten zagen.

De Spaanse straatrevolutie van de coronapijos

betoging cayetanos tegen Spaanse regering

Sinds vorige week doolt een nieuw virus door de straten van Spanjes meest welstellende stadswijken. Het begon in de Madrileense wijk Salamanca, de buurt met het hoogste gemiddelde inkomen van de hoofdstad. Een blik op de verkiezingsresultaten van 2019 toont dat de meerderheid er stemde op het rechtste triumviraat Partido Popular, Vox en Ciudadanos. Idem in de welvarende stadsdelen Aravaca, Chamberí en Pinar de Chamartín waarnaar het virus snel uitzwermde. Het beestje kreeg de naam coronapijos (coronasnobs) en ook het synoniem cayetanos (bijnaam voor Madrileense parvenus) kwam de Spaanse Dikke Van Dale verrijken in deze coronatijden.

Gegoede burgers met een allergie voor alles dat progressief en rood is behalve het rood van hun geliefde Spaanse vlag. Getooid in de Spaanse kleuren en gewapend met potten en pannen, die normaal alleen door de handen van hun huispersoneel gaan, trekken ze iedere avond de straat op om kabaal te maken. De meesten dragen mondmaskers maar respecteren de sociale afstand niet. Ze zijn het kotsbeu om al twee maanden quarantaine bevelen te moeten slikken van een rode coalitieregering die hun privileges inperkt. Dikwijls bewonderaars van ex-dictator Franco die het beleid van de socialistische regering Sánchez dictatoriaal noemen. Eigen soort eerst. Eigen vrijheid eerst. De enige dictatuur die toegelaten is, is die van hen. Ook Opus Dei is in hun kringen kind aan huis.

coronapijos en cayetanosCoronapijos

 

Ze waren onzichtbaar tijdens de protesten tegen de besparingen in de publieke gezondheidszorg, tegen de speculatie op de immobiliënmarkt, tegen de politieke corruptieschandalen en tegen de Zwitserse bankrekeningen van Juan Carlos I. Velen van hen maken zelf rechtstreeks of onrechtstreeks deel uit van die zelfverrijkende kaste. Wat hen verenigt is niet de angst voor het coronavirus maar de afkeer van een regering die hen altijd zou moeten toebehoren. Zij mogen ongegeneerd betogen maar de feministische mars, naar aanleiding van de dag van de vrouw, op 8 maart in Madrid beschouwen ze als een katalysator van covid-19. Een betoging die de in hun ogen bolsjewistische regering nooit had mogen toelaten.

Cayetano betogerprotest coronapijosPost-franquistisch coronavirus

 

Het coronapijo virus brak uit toen de federale regering besloot dat Madrid, als nationale broeihaard van covid-19, nog niet klaar is voor versoepeling van de lockdown maatregelen. Isabel Díaz Ayuso, de Partido Popular presidente van de Madrileense regionale regering, had het over een politiek links complot. Ook conservatieve, invloedrijke kranten zoals La Razon, El Mundo en ABC zetten de samenzweringstheorie kracht bij. Elke aanleiding is verantwoord om de linkse regering ten val te brengen. Intussen hebben ook Valencia, Sevilla, Córdoba, Zaragoza, Salamanca, Valladolid en enkele andere grote steden het protestvirus over de vloer gekregen. Terwijl het in diezelfde steden aanschuiven is aan de voedselbanken schiet post-franquistisch Spanje in een Calimero kramp in de naam van de Spaanse vlag maar tegen het algemeen belang van Spanje in. Het economisch eigenbelang van hun Spanje boven de volksgezondheid.